De Brainportregio rond Eindhoven geldt als een economische groeimotor
Het pad voor een nieuwe ASML-campus is onlangs geëffend. Die groei zet dus door: de komende jaren worden 60.000 – 70.000 extra inwoners verwacht. De kernvraag is niet of Brainport succesvol is, maar of de regio ook sociaal veerkrachtig genoeg is om die groei te dragen. De kans is namelijk groot dat de sociale problemen in deze regio zullen toenemen. In ieder geval liggen er grote uitdagingen.
Een eerste spanningsveld is armoede in een rijke omgeving. Landelijk leven volgens het CBS 540.000 mensen onder de armoedegrens. Ook in welvarende regio’s bestaat armoede, al is die vaak minder zichtbaar. In Brainport groeit de kloof tussen arm en rijk. Mensen zonder sterk netwerk vallen sneller buiten de boot. Denk daarbij aan flexwerkers, alleenstaande ouders, arbeidsmigranten en mensen met een beperkte taalvaardigheid. Hun bestaansonzekerheid vertaalt zich direct in stress en mentale klachten. Het gaat niet om massale armoede, maar om een ‘versnipperde kwetsbaarheid’ in een prestatiemaatschappij.
Daarnaast is er hoge mentale druk in een kennisregio. Het RIVM stelt dat 1 op de 4 volwassenen jaarlijks een psychische aandoening ervaart. In kennisintensieve omgevingen komt daar nog extra prestatiedruk bij. Expats missen een lokaal netwerk, jongeren groeien op met ‘excellentie’ als norm, terwijl wachttijden in de GGZ aanhouden. Er is sprake van medicalisering van problemen die in wezen sociaal zijn: gebrek aan verbinding, eenzaamheid en prestatiedruk leiden tot klachten en vervolgens tot meer zorgvragen.
Woningnood versterkt die kwetsbaarheid. De bevolking groeit sneller dan de woningvoorraad. Sociale huur kent lange wachttijden en koopwoningen zijn duur. Instabiele huisvesting verhoogt stress, bemoeilijkt integratie (met name voor arbeidsmigranten) en remt buurtvorming. Inwoners van de regio zien hun leefomgeving sterk veranderen. Er komen veel mensen met een andere culturele achtergrond bij, die vaker voor een beperkte tijd hier neerstrijken. Een en ander kan leiden tot nog meer polarisatie in de samenleving.
De ontbrekende schakel is gemeenschapszin als preventieve kracht. Sterke sociale netwerken verlagen eenzaamheid en stress, bevorderen herstel en verminderen de druk op formele zorg. Zonder actieve investering in ontmoeting en integratie dreigt een ‘parallelle samenleving’: economisch succesvol, sociaal gefragmenteerd.
De gemeente Eindhoven heeft met haar recente visie op buurtontmoeting een stap gezet om te komen tot ‘Bridging’: letterlijk het leggen van een brug en het mogelijk maken om elkaar te leren kennen. De zogeheten nieuwe ‘Bibliotopen’ vormen daarin een prachtig instrument. De wijkcentra hebben van oudsher een belangrijke rol in het verbinden van buurtgenoten. Vooral ouderen vinden daarin een plek en veel verenigingen ontplooien daar hun activiteiten. Voor nieuwkomers vormt een wijkcentrum nog geen vanzelfsprekende plek. Integratie en verbinding van allerlei voorzieningen is daarom hard nodig. Het leggen van een brug geeft echter nog geen garantie dat die brug van beide kanten ook daadwerkelijk wordt overgestoken.
Sociaal werk heeft een sleutelrol in het bevorderen van een samenleving die mensen verbindt en die de diversiteit van culturen erkent en omarmt. Het onvoldoende investeren in het sociaal domein heeft ingrijpende sociale maar ook economische consequenties. Dat vraagt om meer investeringen in wijkcentra, culturele voorzieningen, vrijwilligersinitiatieven, sport en cultuur, integratieprogramma’s en bedrijven die ook buurtbinding versterken. Het ‘ecosysteem-denken’ oftewel het verbinden van overheid, onderwijs, bedrijfsleven en welzijn, moet dus ook worden toegepast op sociale samenhang. Alleen dan wordt Brainport niet alleen de economisch succesvolle maar ook de meest veerkrachtige regio.
Jacqueline Vonk en Joep Verbugt
Raad van Bestuur Lumens & Voorzitter Raad van Toezicht Lumens